Nieuws  22 juni 2019

Oerol dagkrant / Karel danst woest, maar rechtvaardig

Karel knalt vanmiddag bij zijn optreden op de Betonning. Weinigen dansen zo zalig als hij. Wie is toch die dansende man?

tekst Jan van Tienen foto Isolde Woudstra

Karel zien dansen tijdens een van zijn optredens geeft een goed gevoel, een helend gevoel. Het is mild intimiderend, maar ook prettig om te zien: wild danst hij in de rondte, met zo veel ernstige, verrukte overgave. Na een tijdje besef je dat het een rechtvaardige dans is, een balsem voor de ziel. Wat heeft dat te betekenen?

Karel, je danst zo hard. Sloopt deze dans jou?

‘Ha, nee! Het dansen is geen afbraak. Ik ga gewoon los, zonder na te denken, zonder vooropgezet doel. Het is een uitlaatklep, een moment waarop ik niets meer hoef vast te houden en me griezelig laat gaan. Het is mijn uurtje op de bank bij de psycholoog.’

Geniet je? Is het helend?

‘Het is prettig om op te gaan in iets waar je zo van houdt, de muziek. Tegelijkertijd: als ik mezelf zie in de derde persoon, weet ik niet of ik naar mijn eigen optreden zou gaan. Hoe ongemakkelijk is het als iemand zo springend op af je komt? Een keer gaf ik mezelf tijdens het dansen een knietje in mijn gezicht, toen werd het vijf seconden helemaal zwart. Niemand heeft het gemerkt, de show gaat door.’

Niet echt helend dus.

‘Eén keer ging mijn hand open. Hij zat tussen een katrol. Ik kwam abseilend het podium op en toen bleef mijn hand hangen. Gelukkig was het te donker voor het publiek om te zien. Had ik een rode hand van het bloed.’

Een broodje bloed met Karelsaus.

‘Haha, gadverdamme.’

Toch moet je nu meer vertellen over je woeste dans.

‘Ja, dat wil ik wel, maar je moet niet doen alsof ik de meest woeste dans doe. Het is niet als bij een punkconcert. Ik was daar laatst en toen stompte iemand me in mijn ballen. Of bij een andere punkband, Ploegendienst, waarvan de zanger aan het publiek vroeg of iemand een gebroken neus wilde. Een jongen stapte naar voren en Ray, de zanger, pompt hem zo vol in het gezicht.’

Neus gebroken?

‘Ja.’

Man.

‘Ja. Maar zo heftig is mijn show dus niet.’

Hoe heftig dan wel?

‘Voor mij draait het om vrijheid. Zodra ik een microfoon krijg, voel ik dat ik het recht heb om te doen wat ik wil. Laatst stond ik de helft van mijn show op de bar, waardoor niemand bier kon bestellen. Normaal doe je dat niet en word je met geweld van die bar gewerkt, maar als je een mic hebt kan dat opeens. Onder het mom van kunst.’

Zou je je hele leven zo willen leiden?

‘Ergens wel, maar als mezelf ga ik niet zo gek. Af en toe moet je die rol aannemen. Alhoewel, fuck it: ik zou mijn hele leven willen leiden zoals ik optreed. Die vrijheid. Maar, hmm, nee, toch niet: je kunt niet altijd die energie vasthouden. Dat slaat nergens op. Het is niet houdbaar om altijd maar los te gaan. Die energie heb ik niet.’

Wat was een leuke reactie vanuit het publiek op een optreden?

‘Iemand gooide een keer een biertje naar mijn hoofd. Ik dacht: die vindt er niks aan. Later kwam die jongen naar me toe. Hij zei dat het als compliment was bedoeld.’

Hoe omschrijf je je muziek?

‘Het hangt af van de leeftijd van degene aan wie ik het vertel. Tegen jongeren zeg ik: het heeft wat weg van John Maus.’

En tegen niet-jongeren?

‘Dan zeg ik: het klinkt een beetje jaren 80, Duran Duran, oude synths. Eigenlijk is het een soort karaoke. Ik ben een moderne volkszanger, die meezingt over tapejes en het publiek geeft wat het wil.’

Karel

21 juni 2019

Oerol dagkrant / Een feestje met Mezelfie

17 juni 2019

Oerol dagkrant / De tieners van Theater Artemis

Deel deze pagina